Pinksteren - ds. Mirjam Visser-Fuchs
Lutherse gemeente Rotterdam
Orde van dienst
Pinksteren
Dienst met belijdenis van het geloof
door Ellenora Kroesbergen
24 mei 2026
Marc Chagall: Het verhaal van Exodus - De Tien Woorden
Klokluiden
Luisteren wij in stilte naar muziek:
Orgelspel/sopraan: J.S. Bach - Öffne Dich mein ganzes Herze
Öffne dich, mein ganzes Herze, Open je, mijn hele hart,
Jesus kommt und ziehet ein. Jezus komt er zijn intrek nemen.
Bin ich gleich nur Staub und Erde, Al ben ik slechts stof en aarde,
will er mich doch nicht verschmäh´n, hij veracht mij toch niet
seine Lust an mir zu sehn, maar schept zoveel behagen in mij
daß ich seine Wohnung werde. dat ik zijn woning mag worden.
O wie selig werd' ich sein! Wat zal ik gelukkig zijn
Klokluiden
Lied 695:1 sopraan, 2+3+5 allen: Heer, raak mij aan met uw adem
Mededelingen
VOORBEREIDING
Voorbereiding door kerkenraadslid (staan)
V: In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest
A: Amen
V: Die nooit te ver zijt om ons te horen -
A: Wees als een licht hier in ons midden!
V: Die ons de adem geeft, het leven toedacht –
A: Dat wij U kennen als bron en bedding!
V: Die ons ter harte neemt en onze naam roept –
A: Dat wij u kennen als troost en vuur!
V: Die ons voor ogen houdt als uw beminden –
A: Dat wij elkaar zien zoals Gij ons ziet!
V: Die vurige wegen wijst aan wie U zoeken –
A: Maak ons aanstekelijk, uw licht voor mensen!
V: Amen
Ingangspsalm met antifoon (uit Wijsheid 1:7)
Sopraan: lied 668
Halleluja! Adem van God vul heel de aarde, die alles omvat
verstaat elk woord. Halleluja!
Psalm 68 (verzen uit 150 Psalmen vrij van H. Oosterhuis psalm 68)
V: Oh God, die zijt opgestaan.
gezegend jij levende lichtbron
G: bij jou is de weg der bevrijding
bij jou de weg door de dood,
V: jij sleurt ons het leven weer in,
het licht van de dag, God, bevrijder.
Allen zingen lied 668:
Kyrie en Gloria
V: Laten wij de Heer om ontferming aanroepen voor de nood van de wereld en zijn naam prijzen, want zijn barmhartigheid heeft geen einde!
We zingen lied 281: 1+4+5+10 Wij zoeken hier uw aangezicht
HET WOORD - DE SCHRIFTEN
Groet
Zondagsgebed
V: … door Jezus Christus, onze Heer.
A: Amen.
Moment met de kinderen
Zondagslied: Lied 670:1+2+7 Kom, Schepper God, o Heilige Geest
Lezing: Exodus 19:1-6. 16-20 en 20:1-21
vertaling H. Oosterhuis en A. van Heusden
1 In de derde maand van de uittocht van Israëls kinderen uit het land Egypte, op deze dag, zijn zij gekomen in de woestijn van Sinai.
2 Zij braken op uit Refidim,
zij kwamen in de woestijn van Sinai,
zij legerden zich in de woestijn,
daar legerde Israël zich tegenover de berg.
3 Mozes is opwaarts gaan naar de God,
JHWH riep hem vanaf de berg en sprak:
Zo spreek tot het huis van Jakob,
zo meld de kinderen van Israël:
4 Jullie hebben toch gezien
wat ik gedaan heb tegen Egypte,
ik heb je op adelaarsvleugels gedragen,
ik deed je komen naar mij.
5 En nu, als jullie horen naar mijn stem en mijn verbond bewaren,
dan zul je uit alle volken mijn eigenste zijn want van mij is de hele aarde.
6 Jullie zullen mij een koninkrijk van priesters zijn, een heilig volk.
Dit zijn de woorden die jij spreken zult en zeggen
tot de kinderen van Israël.
…
16 En het geschiedde op de derde dag toen de morgen aangebroken was:
donderslagen, bliksemflitsen, zware wolken boven de berg,
de stem van een sjofar – de ramshoorn – de doordringende stem.
Toen huiverde heel het volk het legerkamp uit, God tegemoet.
17 Mozes leidde het volk het legerkamp uit, God tegemoet.
Zij stonden aan de voet van de berg.
18 De berg Sinaï stond in rook heel en al,
want in vuur was JHWH daar neergedaald,
rook steeg op als van een rokende oven,
de berg, heel en al schokte hevig.
19 En het geschiedde:
De stem van de sjofar klonk en werd sterker en sterker.
Mozes, hij sprak, en God, hij gaf antwoord met donderende stem.
20 JHWH daalde neer op de berg Sinaï, op het hoofd van de berg,
JHWH riep Mozes naar het hoofd van de berg en Mozes ging opwaarts.
…
20:1 God sprak en zei al deze woorden:
2 ´Ik, JHWH, ben jouw God,
ik die jou uitgeleid heb uit het land Egypte, uit het slavenhuis.
3 Jij zult geen andere goden hebben voor mijn aangezicht:
4 jij zult geen beeld en geen afbeelding maken van wat ook
in de hemel boven, op de aarde beneden
of in de wateren onder de aarde.
5 Jij zult je niet ter aarde werpen voor hen, jij zult hen niet dienen
want ik JHWH, ben een Godheid jaloers,
die het onrecht van de vaders neerlegt op de kinderen,
op het derde en op het vierde geslacht van hen die mij haten,
6 maar aan wie mij liefhebben en mijn opdrachten bewaren
betoon ik vriendschap tot in het duizendste geslacht.
7 Jij zult de naam van JHWH, jouw God, niet ontledigen,
want JHWH verontschuldigt niet wie zijn naam ontledigt.
8 Gedenk de sabbat, heilig die.
9 Zes dagen zul jij dienen en je werk doen, alles.
10 De zevende dag is sabbat voor JHWH, jouw God;
dan zul jij geen werk doen, niets,
jij, je zoon, je dochter, je slaaf, je slavin, je dieren;
en je vreemdeling binnen jouw poorten.
11 Want in zes dagen heeft JHWH de hemel en de aarde gemaakt,
de zee en alles wat daarin is.
Hij rustte op de zevende dag.
Daarom heeft JHWH de dag van de sabbat gezegend en hem geheiligd.
12 Eer je vader en je moeder,
dat je dagen lang mogen duren op de aardegrond
die JHWH, je God, je geven zal.
13 Moord niet.
14 Pleeg geen overspel.
15 Steel niet.
16 Lieg niet over je naaste.
17 Je zult het huis van je naaste niet begeren,
je zult de vrouw van je naaste niet begeren
en niet zijn slaaf, zijn slavin, zijn os, zijn ezel - al wat van je naaste is.´
Lied: Jouw woorden 1 en 2 sopraan, 3 en 4 allen
(uit: Zangen van zoeken en zien 589, tekst Michael Steehouder, muziek Peter Rippen)
2 Jouw liefde met mensen verbonden,
een leven van vrede beloofd -
gebroken door ziekte en wonden,
verbod niet door mensen beloofd.
3 En toch in ons hart neergeschreven
dat woord dat niet ophouden wil:
dat mensen dóór moeten leven
dat jij met ons verder wil.
4 Getekend door mensen, geweten,
jouw woord in ons hart voorgoed,
een naam om niet te vergeten,
een God die ons leven doet.
Verkondiging
Lied 686: 1+2+3 De Geest des Heren heeft
DIENST VAN BELIJDENIS
Belijdenis van de gemeente
Geloofsbelijdenis (staan)
V: Wij geloven in God:
de Ene, eeuwig trouw.
A: Al wat bestaat, leeft door Hem:
hemel en aarde, mensen als wij,
geboren als geroepen, op liefde gebouwd.
V: Wij leren zijn Naam van Israël, zijn volk,
dat Hij bevrijdde en in zijn hart sloot.
A: Wij kennen zijn aangezicht
door Jezus Messias,
zijn Eerste, zijn liefste,
die zijn ontferming onder ons leefde.
V: Mensen hebben hem verlaten, gekruisigd.
Aan onze ontrouw is Hij gestorven.
God hield Hem vast op zijn weg door de dood,
kroonde zijn trouw met het licht van de morgen.
A: Zijn sterven is ons de weg naar het leven.
V: En zijn gezindheid
wordt door Gods Geest in ons geademd,
vandaag en voorgoed.
Dat houdt ons in leven
tot aan de Dag dat Hij zal komen,
de aarde terecht zal brengen
en wij zullen zingen:
de Ene, eeuwig trouw.
A: Tot al wat bestaat, nieuw is geworden
en Hij zal zijn: alles in allen! Amen (zitten)
Belijdenis van het geloof door Ellenora Kroesbergen
Gebed
Zegen
Gelofte van de gemeente (staan)
V: Gemeente van Christus, hier vandaag bijeen,
Wilt u Ellenora, kind van God, dragen in uw gebeden,
en samen met haar gaan op de weg van Gods koninkrijk,
voor ons gebaand door Jezus de Heer?
A: Ja, dat beloven wij! (zitten)
Lied 672: 1+6+7 Kom laat ons deze dag
GAVEN EN GEBEDEN
Collecte en naar voren brengen van het voorbedenboek.
Tevens orgel/sopraan: J.S. Bach - Dir, dir Jehova will ich singen
1. Dir, dir Jehova will ich singen;
denn wo ist doch ein solcher Gott wie du?
Dir will ich meine Lieder bringen,
ach, gib mir deines Geistes Kraft dazu,
dass ich es tu im Namen Jesu Christ,
so wie es dir durch ihn gefällig ist.
3. Verleih mir, Höchster, solche Güte,
so wird gewiss mein Singen recht getan
so klingt es schön in meinem Liede,
und ich bet dich im Geist und Wahrheit an
so hebt dein Geist mein Herz zu dir empor,
dass ich dir Psalmen sing im höhern Chor.
U, U Jehova, wil ik bezingen,
want waar is toch een God als U?
Voor U wil ik mijn liederen brengen,
ach, geef mij daartoe de kracht van uw Geest,
opdat ik het doe in de naam van Jezus Christus,
zoals het U door Hem welgevallig is.
Verleen mij, Allerhoogste, zulke genade,
dan zal mijn zingen zeker goed zijn gedaan;
dan klinkt het schoon in mijn lied,
en aanbid ik U in geest en waarheid.
Zo heft uw Geest mijn hart tot U omhoog,
dat ik U psalmen zing in het hogere koor.
|
Collecte is ook digitaal mogelijk via www.luthersrotterdam.nl/gift |
|
|
Gebed over de gaven
Voorbeden
Met de volgende acclamatie:
Stil gebed
VIERING VAN HET HEILIG AVONDMAAL
Prefatie