Lutherse gemeente Rotterdam
Orde van dienst
de vierde zondag na Trinitatis
Keti Koti - Verbreek de ketenen
28 juni 2026
Muurschildering Voorburgstraat 140B Rotterdam
Ro (Ronald) Heilbron (Paramaribo, Suriname, 1938 – Rotterdam, 2014)
Orgelspel: BWV 592 Concerto in G - Allegro
Klokluiden
Lied 283:1+2+3+4+5 In de veelheid van geluiden
Mededelingen
VOORBEREIDING
Voorbereiding door kerkenraadslid (staan)
V: In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest
A: Amen
V: Onze hulp is in de naam van de Heer
A: die hemel en aarde gemaakt heeft
V: Wees hier aanwezig, woord ons gegeven.
A: Dat wij u horen mogen met hart en ziel.
V: Dat wij niet leven, gevangen in leegte.
A: Zend uw Geest, dat we worden herschapen.
V: Dat wij volbrengen uw woord, onze vrede.
A: Wek uw kracht en kom ons bevrijden.
V: Amen.
Inleiding (Bianca Groen-Gallant)
Ingangspsalm (uit Psalm 27) met antifoon
(Tekst Ida Gerhard en Marle van der Zeyde, liedboek 27b)
Eerste keer voorganger, tweede keer gemeente
V: De Heer is mijn licht en mijn heil:
wie zou ik dan vrezen?
A: De Heer is mijn burcht, mijn behoud:
voor wie zou ik beducht zijn?
V: Dat ene vroeg ik van de Heer
dat is al mijn verlangen:
A: dáár te zijn – in het huis van de Heer,
al de dagen mijns levens.
V: Hij doet onder zijn schaduwdak
mij schuilen in dagen van dreiging,
A: beveiligt mij binnen zijn veilige tent.
Hij stelt mij hoog op een steenrots.
V: Heer, hoor mijn aanroep tot U,
geef mij genadig uw antwoord.
A: Gij zegt – en mijn hart spreekt het na:
‘zoek mijn aanschijn.’
Uw aanschijn, Heer, wil ik zoeken.
V: Wend uw aangezicht niet van mij af,
wijs uw knecht niet toornig terug,
A: Gij die immer mijn hulp zijt geweest,
wil mij niet verwerpen en verlaten.
V: Wijs dan, Heer, mij uw weg,
leid mij op het pad dat niet afwijkt.
A: Laat mij niet ten prooi aan mijn haters;
geweld is hun adem.
V: O, als ik niet de zekerheid had
het heil des Heren te zien in dit leven op aarde!
A: Wacht dan de Heer en wees sterk,
onbezweken van hart. Wacht dan de Heer.
Allen zingen:
Kyriegebed
Kyrie
Gloria
HET WOORD - DE SCHRIFTEN
Groet
Zondagsgebed
V: … door Jezus Christus, onze Heer.
A: Amen.
Moment voor groot en klein
Zondagslied: Lied 675: 1+2 Geest van hierboven
Eerste lezing: Exodus 6:6-8 en 10:21-23
Exodus 6:6-8
6 Daarom, zeg tegen de kinderen van Israël:
Ik ben het JHWH,
ik zal jullie uitleiden, van onder de zware lasten van Egypte,
jou redden uit je slavendienst,
losmaken zal ik jou - met opgeheven arm, een groot gericht.
7 Ik neem jou tot mijn volk, ik zal zijn jouw God
en je zult weten dat ik het ben, JHWH, jullie God
die je heeft uitgeleid van onder de zware lasten van Egypte
8 Ik zal jou in het land doen komen
dat ik gezworen heb met opgeheven hand
te geven aan Abraham, aan Isaak en aan Jakob.
Ik zal het je geven als erfdeel, ik JHWH.
Exodus 10:21-23
10: 21 JHWH sprak tot Mozes:
Strek je hand uit naar de hemel
er zij duisternis over het land Egypte,
de duisternis over het land Egypte,
de duisternis zal te snijden zijn.
22 Mozes strekte zijn hand uit naar de hemel
en het geschiedde:
diepe duisternis in heel het land Egypte,
drie dagen lang.
23 Niemand zag zijn naaste,
niemand stond op van zijn plaats,
drie dagen lang niet.
Maar voor de kinderen van Israël, in hun woonplaatsen,
was er licht.
Lied 168: 1+4 When Israel was in Egypt´s land
Lezing uit het Evangelie (staan)
V: ‘Laten we horen naar het Evangelie van deze zondag, dat we vinden bij: Matteüs: 5:1-16’
V: Vestig je hoop op God, eens zal ik Hem weer loven, mijn God die mij ziet en redt. Halleluja. (Psalm 43:5b)
Lezing van het Evangelie door de lector
5:1 Toen hij de menigte zag, ging hij opwaarts, de berg op.
Hij zette zich neer en zijn leerlingen kwamen bij hem.
2 Hij opende zijn mond en onderrichtte hen:
3 Gelukkig de armen die de geest toebehoren
want van hen is het koninkrijk der hemelen.
4 Gelukkig de bedroefden
want zij zullen worden getroost.
5 Gelukkig de neergebogenen
want zij zullen het land beërven.
6 Gelukkig zij die hongeren en dorsten naar waarheid
want zij zullen worden verzadigd.
7 Gelukkig de barmhartigen
want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
8 Gelukkig de reinen van hart
want zij zullen God zien.
9 Gelukkig de vredestichters
want zij zullen ´kinderen van God´geroepen worden.
10 Gelukkig die vervolgd worden omwille van de gerechtigheid
want van hen is het koninkrijk der hemelen.
11 Gelukkig zijn jullie
als ze jullie vervloeken en vervolgen,
kwaadspreken en vals getuigen tegen jullie omwille van mij.
12 Verheug je en juich want groot is je loon in de hemel.
Want zo hebben zij de profeten vervolgd die vóór jullie waren.
5:13 Jullie zijn het zout der aarde.
Maar als het zout zijn smaak heeft verloren,
hoe kan het zijn smaak terugkrijgen?
Het deugt voor niets meer dan om het weg te gooien
en door mensen vertrapt te worden.
14 Jullie zijn het licht van deze wereldorde.
Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen blijven.
15 Ook steken zij geen olielamp aan om die onder de korenmaat te zetten
maar op een kandelaar en geeft hij licht voor allen in het huis.
16 Zo zal jullie lamp het licht zijn voor het aangezicht van de mensen
dat zij je goede werken zien en je vader verheerlijken die in de hemel is.
Credo Lied 344 Wij geloven één voor één (staan)
Verkondiging
Lied: Halleluja! Prijze Masra